Therapiegesprek

Emotioneel gezond leven

Kan meditatie psychotherapie vervangen?

In Aziatische landen was het lange tijd de gewoonte dat mensen met een psychische aandoening of stoornis werden ondergebracht in kloosters. We hoeven hierbij niet per se te denken aan magische geneesrituelen of ceremoniële bezweringen die in kloosters plaatsvonden. De stilte van de omgeving, de rustige dagorde en de vriendelijke omgeving van de monniken bleek een zachte bedding waarin de stoornis de scherpe kantjes kon verliezen en de persoon weer tot zichzelf kon komen. Zo’n opname kon jaren en soms een heel leven duren en de genezing van de psychische aandoening of stoornis had vooral te maken met de liefdevolle, accepterende en meditatieve sfeer in kloosters.

 

Een therapeutisch meerstromenland

Hier in het westen kennen we een heel andere traditie. Mensen met een psychische stoornis of aandoening werden rond 1900 verwezen naar de psychiatrie, een tak van wetenschap die in de nieuwe medische wereld ontstaan was. Men beschouwde zo iemand als een ‘geesteszieke’ en de diagnose was dat zo iemand een ‘hersenziekte’ had of een ’ziekte van het zenuwstelsel’ die met medicijnen genezen kon worden. De spectaculaire ontdekkingen in de microbiologie vormden daarvoor een belangrijke bron van inspiratie.

In deze sfeer kon ook de meer speculatieve psychoanalyse van de neuroloog Sigmund Freud, die aanvankelijk werkte als hersenonderzoeker in het ‘Algemeines Krankenhaus der Stadt Wien’, een grote vlucht nemen. In het begin van de vorige eeuw was de op medische wetenschap gestoelde psychoanalyse in het westen de belangrijkste manier om psychische stoornissen en aandoeningen te genezen. Het was lange tijd de dominante stroming.

Vanuit nieuwe behoeften ontstonden echter in het midden van de vorige eeuw nieuwe psychotherapeutische stromingen. Die hielden zich niet alleen bezig met het genezen van kwalen en aandoeningen, maar ook met het ontwikkelen van nieuwe mogelijkheden in de mens. Dit laatste lag helemaal in de lijn van de Amerikaanse human potential movement.

Sommige therapeuten legden daarbij de nadruk legden op het vaak onbewuste driftleven, anderen op het fysieke lichaam of het waarneembaar gedrag en weer anderen op het gezin en bredere sociale systeem waarin we leven. Zo ontstonden er talloze nieuwe vormen van therapie met telkens eigen doelstellingen en methodes en dat bracht een nieuwe dynamiek in het therapeutische landschap.  

De wetenschappers die een hard, wetenschappelijk medisch model voorstonden hadden op deze nieuwe ontwikkelingen veel kritiek. Zij vonden dat deze psychotherapeuten zich bezighielden met denkbeeldige problemen zoals ‘een zwak ego’, ‘cognitieve disfuncties’, ‘gebrek aan autonomie’, ‘negatief zelfbeeld’, subassertiviteit’, ‘burn-out’etc.  

Ook de farmaceutische industrie verzette zich tegen deze nieuwe vormen van therapie, vooral omdat hier veel minder chemische medicijnen nodig waren en haar verdienmodel dan zou inklappen. Zij weigerde dan ook vaak onderzoeken te subsidiëren die de resultaten van deze nieuwe psychotherapieën op een wetenschappelijke manier konden toetsen. Zij creëerden wantrouwen en maakten deze nieuwe therapieën in de media ook vaak belachelijk en dat had natuurlijk effect op de politici die zich met gezondheid bezighielden.

Deze strijd is nog steeds gaande en omdat het niet alleen om wetenschappelijke argumentering maar ook om economische legitimering gaat. Maar ook al is het duidelijk dat deze strijd nog wel enige tijd zal duren, er is een kentering gaande ten gunste van psychotherapie en, misschien niet zo vreemd, ook van meditatie.

 

Cognitieve therapie

Want ondertussen zijn een groot aantal van deze nieuwe therapeutische methodes toch in staat gebleken een vaste plaats te vinden in de gezondheidszorg. Een van deze vormen is de cognitieve therapie. En deze blijkt goed verenigbaar met nieuwe vormen van meditatie. Niet dat meditatie deze vorm vervangt, maar een combinatie blijkt goede vruchten af te werpen. En daar is ook gedegen wetenschappelijk onderzoek naar gedaan.

Wat behelst deze therapie? Haar basis is de cognitieve psychologie. In het kort kan daarover worden gezegd: cognitie verwijst naar het Latijnse begrip cognitio: de kennis die zowel met de zintuigen als met denken kan worden verworven. Als verzamelbegrip heeft ‘cognitio’ betrekking op alles wat met ‘kennen’ en ‘weten’ te maken heeft. Daarbij gaat het om boeiende en complexe vragen als: Hoe nemen wij onszelf en de wereld waar? Hoe sturen wij onze aandacht? Hoe slaan wij onze ervaringen op in ons geheugen? Hoe verwerken we die op een intelligente manier? Hoe reageren we van daaruit op de wereld? Deze tak van psychologie houdt zich dus bezig met onze gedachten, beelden, herinneringen, voorstellingen, interpretaties, oordelen, opvattingen en verwachtingen. Zij onderzoekt de manier waarop wij mensen informatie verwerven en verwerken.

 

De cognitieve therapie past dit toe op ons dagelijks doen en laten, vooral als het om aandoeningen of stoornissen gaat. Een therapeut gaat hierover in gesprek met zijn cliënt of patiënt. Het motto is: anders leren denken is je anders leren voelen en je anders leren gedragen. In combinatie met gedragstherapie is hier een vruchtbaar werkveld ontstaan dat veel goede resultaten heeft bereikt, met name op het gebied van problemen met angsten en depressies.

 

Een vruchtbare combinatie  

In het boek ‘Meditatie’, waarover ik in mijn vorige blogs schreef, wordt verteld hoe deze combinatie midden jaren 80 ontdekt werd. De Amerikaanse professor Aaron Beck, de grondlegger van de cognitieve therapie, zat in een moeilijke situatie. Hij was bezorgd over zijn vrouw Phyllis die een zware operatie moest ondergaan en haar angsten niet los kon laten. Cognitieve therapie hielp niet genoeg om de angsten van zijn vrouw te verminderen en daarom nodigde hij thuis Tara Bennett-Goleman uit, een vriendin van zijn vrouw die getraind was in vipassana meditatie en mindfulness en daarover juist het boek ‘Emotionele gezondheid’ had geschreven.

 

Tara nam ter plaatse het heft in handen en vroeg Aaron Beck en zijn vrouw samen met haar stil op de sofa te gaan zitten en de prikkels van hun ademhaling waar te nemen. Dat bleek een rustgevend effect te hebben. Vervolgens deden ze samen een meditatieve loopmeditatie in hun woonkamer en ook dat bleek verlichtend te werken. Phillys vertelde opgelucht hoe ze tijdens deze oefeningen haar angsten kon loslaten. Terwijl zij geconcentreerd en ontspannen aandacht gaf aan haar ademhaling verdwenen haar angsten naar de achtergrond en kon ze tot rust komen. De mindfulness meditatie had de cognitieve therapie succesvol ondersteund.

In de gesprekken die daarna plaatsvonden konden er parallellen gevonden worden tussen cognitieve therapie en mindfulness. Professor Aaron Beck herkende in de mindfulness meditatie een parallel met de cognitieve methode van decentering ofwel ‘cognitieve defusie’. De cliënt leert dan zijn gedachten en gevoelens waar te nemen zonder zich er al te zeer mee te identificeren. Op deze manier kan de cliënt zich tegen vernietigende gedachten wapenen en die ‘uit zijn hoofd zetten’. Tara Bennet-Goleman kon uitleggen hoe dit proces door de mindfulness meditatie ondersteund werd.

Dit werd het begin van een vruchtbare combinatie van mindfulness en cognitieve therapie die momenteel bekend staat als MBCT: mindfulness based cognitive therapy en die succesvol wordt ingezet bij stoornissen die te maken hebben met stress, angsten en depressies.

 

Stress, angsten en depressies  

Onderzoeken laten zien dat niet bij alle psychische aandoeningen of stoornissen een combinatie van psychotherapie met meditatie relevant is. Maar bij stress, angsten en depressies wel. Waarom? Zij hebben niet zo zeer te maken met een genetisch mankement maar eerder met gedachten en gevoelens die opkomen tijdens stressvolle situaties. Ze vinden hun oorzaak in de maatschappij en niet zozeer in het individuele genoom. Ze zijn, zoals ik in mijn vorige blog schreef, ‘epigenetisch’ van aard en hebben vooral te maken met de manier waarop wij zelf omgaan met het systeem waarin we leven. We hoeven er onze genen niet voor te veranderen, wel onze eigen psychische reacties op onze culturele omgeving.  

Ellen Deckwitz schreef hierover onlangs in het NRC Next: ‘In de loop der jaren heb ik leren inzien dat mijn depressie niet alleen neurochemische pech was. Depressies worden door externe variabelen ontketend, het zijn maatschappelijke aandoeningen. En dat niet omdat de gevolgen van deze kwaal de maatschappij jaarlijks miljarden kost, maar omdat de oorzaak er van in de maatschappij gezocht moet worden. We leven in een systeem waarin van ons wordt verwacht in constante rivaliteit met zowel onszelf als anderen te verkeren. We worden gepusht om voortdurend een slankere, gezondere, slimmere, gelukkigere en beter betaalde versie te worden. De verwachtingen boven onszelf uit te stijgen zorgen voor talloze teleurgestelden, want waar de één wint, is de rest verliezer, wat zij verder ook in hun mars hebben.’  

Geen wonder dat depressies onder welvaartsziekten vallen. Een aantal jaren geleden stelde het CBS vast dat alleen al in Nederland meer dan 1 miljoen mensen aan een depressie lijden. Met grote gevolgen, niet alleen voor de persoon zelf, maar ook voor de maatschappij. Want stel je maar eens voor wat dit voor impact heeft op de naasten en familie van degenen die aan depressie lijden. En dan hoor je vaak ook over de torenhoge kosten die depressies met zich meebrengen. Het CBS stelde dat dit de maatschappij jaarlijks meer dan 1.8 miljard kost vanwege ziekteverzuim en verminderd functioneren op het werk.

De farmaceutische industrie heeft zich hierop gestort met een uitgebreid assortiment aan antidepressiva, waarvan de meeste met talloze bijverschijnselen. Het CBS noemt een getal van 1.6 miljard aan verkochte anti-depressiva in 2016. Onderzoeken maken duidelijk dat dit bedrag alleen maar omhoog gegaan is. Bovendien kennen de meeste antidepressiva ook tal van bijverschijnselen waarvoor in onze maatschappij natuurlijk weer nieuwe farmaceutische middelen op de markt beschikbaar komen. Het lijkt een vicieuze cirkel.

Welke bijdragen kunnen meditatie en psychotherapie hieraan leveren? Kan de op mindfulness gestoelde cognitieve therapie (MBCT) hiervoor iets betekenen? Hierover is onlangs door de American Medical Association een uitvoerig onderzoek gepubliceerd waarin ze stellen dat deze methode psychische angst en depressies kan verminderen. Ze formuleren het heel voorzichtig, om de farmaceutische industrie niet voor het hoofd te stoten: ’De mate van verbetering is ongeveer dezelfde als die met medicijnen, maar dan zonder de lastige bijwerkingen. Wij concluderen daarom dat MBCT een redelijk alternatief is voor de behandeling van deze aandoeningen.’.

 

De weg van meditatie

Meditatie heeft van oudsher een innerlijke waarde die niet is uit te drukken in de efficiency meting die het heeft voor gezondheid en de maatschappij. Toch is het belangrijk dat meditatie momenteel wordt meegenomen in onderzoeken naar methodes die heilzaam zijn voor ons in de huidige situatie. Op deze manier worden in ieder geval de voordelen van meditatie op deze gebieden onderkend en wordt verder onderzoek gestimuleerd en dat kan alleen maar voordelen opleveren.

Een goed voorbeeld hiervan is mindfulness. Zij is ontstaan uit vipassana meditatie maar heeft zich vanaf het begin in een wetenschappelijke kleed gehuld. En daardoor kreeg zij bekendheid. Het waren met name de onderzoeken van de harde wetenschap die mindfulness bekend maakten in de maatschappelijke sectoren als het bedrijfsleven, het onderwijs en de zorg. Zij kon zich bovendien vanwege haar wetenschappelijk taalgebruik verbinden met bestaande vormen van psychotherapie en daar, zoals uit het voorgaande blijkt, een duidelijk ondersteunende rol vervullen.

Meditatie vervangt dan psychotherapie niet, maar kan in bepaalde gevallen gezien worden als complementair daaraan. En dat heeft veel voordelen voor ieder van ons. Door deze bijzondere combinatie kunnen wij onze gezondheid aanzienlijk verbeteren en maken we kans om met name de huidige welvaartziekten in een nieuw perspectief te zien en aan te pakken..

We kunnen zo methodes vinden die goede alternatieven zijn voor wat de farmaceutische industrie ons levert. Grote voordelen: we hoeven niet bezorgd te zijn om lastige bijwerkingen en het kan zo ook heel wat goedkoper. We hebben het zo ook veel meer in eigen hand. Ieder die mediteert levert hier een bijdrage aan.

 

Reacties zijn welkom via ojas@vgamsterdam.nl

programma